Fourat Ben Chikha: "Hoe ik ontdekte dat ik homo ben"

Author: 
Fourat Ben Chikha

Hoe ik ontdekte dat ik homo ben - Fourat Ben Chikha

 
Dit artikel verscheen op 6 mei 2017 op deredactie.be.
 
Ik heb het geluk of het ongeluk gehad om enig kind te zijn. Een zoon dan nog: vreugde alom bij mijn geboorte! Maar al op vrij jonge leeftijd merkte ik dat ik niet was zoals al die andere stoere jongens.

Voetballen betekende keer op keer de bal in mijn gezicht krijgen. Kampen in het bos gaan bouwen vond ik saai. Maar ik werd des te gelukkiger als ik met vriendinnen de nieuwe danspasjes van de actuele hit kon inoefenen.

Mijn ouders moesten op dat moment al iets vermoed hebben, want mijn vader stond er op dat ik judolessen ging gaan volgen. “Dat zal je sterk maken” was zijn argument. En wat was ik een goeie leerling! Al was het maar omdat judo heel veel met evenwicht en beweging te maken heeft net zoals met dansen.

Wat een ironie!

 

Een eerste liefje

Als jonge gast probeerde ik te beantwoorden aan de verwachtingen die men stelde aan iemand van mijn leeftijd: een vriendin hebben.

Aangezien ik nogal exotisch fruit was voor sommigen in Knokke, kostte het mij weinig moeite om die verwachting in te lossen. Mijn liefje was waarlijk een pracht van een meid. Eentje met een groot hart, die mij heeft geleerd hoe lief te hebben. Wat ben ik haar dankbaar!

De jaren gaan intussen voorbij, en ik blijf mooi in mijn rol van heteroseksueel. Tot die ene dag dat we op school seksuele vorming kregen.

De enthousiaste man wist ons te vertellen dat in elke klas minstens één homo zit, en bleef mij op exact dat moment aanstaren. Een fractie van een seconde later volgden de blikken van de rest van de klas. Nog nooit heb ik mij zo naakt gevoeld.

Hoewel ik niet wist wat een homo was, en wat dit allemaal precies betekende, wist ik wel dat als hij gelijk zou krijgen, mijn leven allesbehalve evident zou worden. Dagen nadien heb ik het bed moeten houden met koorts, en mijn eetlust was verdwenen. Zelfs de befaamde couscous van mijn moeder kon mij niet meer bekoren.

 

Wat een opluchting!

De weken gingen voorbij, en intussen had ik mijzelf ervan overtuigd dat de man ongelijk had, want ik had toch een vriendin waarop ik verliefd was? Zoals water altijd zijn weg vindt, zal de liefde ook altijd zijn weg vinden.

De woorden van de man lieten mij niet los en zorgden ervoor dat ik met andere ogen naar mezelf en de wereld begon te kijken. Tot ik niks anders kon dan inzien dat hij toch gelijk had, en ik eindelijk voor mezelf durfde zeggen: Ik val op mannen. Wat een opluchting!

Maar dan pas begon de grote bergbeklimming van zelfacceptatie.

 

Van prins in huis naar ...

Daarvoor moest de eerste horde overwonnen worden: mijn dierbare vrienden en vriendin inlichten. Nooit had ik verwacht dat hun reacties zo hartelijk gingen zijn. Je familie kies je niet, maar je vrienden wel. Wat een eyeopener!

Het toeval wilde dat ik in de zomer van 1999 – ik was toen 18 – voor het eerst verliefd werd op een man. Het voelde heerlijk om werkelijk verliefd te zijn op iemand, zonder het gevoel te hebben aan iemands verwachtingen te moeten voldoen. Wat was ik dronken van verliefdheid.

In de roes van de verliefdheid sprokkelde ik al mijn moed bijeen om de belangrijkste horde in mijn leven te nemen: het inlichten van mijn ouders over mijn nieuwe IK.

Als enige zoon voelde ik me voorheen steeds de prins van het huis die niets verkeerd kon doen. Maar deze keer bleek het tegendeel waar.

 

... verstoten zoon

Het gesprek duurde niet langer dan een half uur. Na de scheldtirades, na de fysieke bedreiging stond ik op straat. Het enige dat ik kon meenemen uit mijn voormalig veilig nest was mijn trots en mijn overtuiging dat ik een man ben die zijn hart volgt. “Mijn moeder zal ooit wel trots zijn op mij”, suste ik mezelf tijdens de eerste slapeloze nachten. Er zouden er nog vele volgen.

Al snel klopte de harde realiteit op mijn deur: toen ik bij de bank mijn zuur verdiende spaarcenten ging ophalen, om mijn eerste stappen in overleven 2.0. te kunnen zetten, bleek mijn rekeningnummer – dat op moeders naam stond – reeds geblokkeerd.

Met enkel een gevoel van vrijheid en trots stil je helaas je honger niet. Niet geklaagd: werken dan maar om een inkomen te hebben, om een nieuw leven op te bouwen dat van mij alleen was. Ik ging van de ene slecht betaalde job naar de andere, maar ik was vrij!

Drie jaar na het abrupte afscheid van mijn ouders, op een woensdagavond, stroomden uit het niets de eerste tranen. Ze bleven maar komen, en voor het eerst begreep ik wat ze bedoelden met het lied ‘Cry me a rivier’.

Na mijn huilbui geen gevoel van opluchting maar enkel een beklemmend gevoel van eenzaamheid, dat mij niet meer los liet. Het verwerkingsproces was gestart, en ik had duidelijk nog heel wat werk voor de boeg om de demonen in mij te bestrijden.

Maar in een ding was ik alvast geslaagd: ik kon mijn angsten recht in de ogen kijken en probeerde afscheid te nemen van de boosheid en de teleurstelling die zich onopgemerkt diep in mij hadden genesteld.

Ik had een overdosis aan overleven, en snakte naar echt leven.

Het grote keerpunt is er gekomen tijdens mijn hogeschoolstudies. Eén ding was duidelijk: ik was het hoppen van de ene slecht betaalde job naar de andere beu. Ik wilde échte dromen realiseren. Ik had een overdosis aan overleven, en snakte naar echt leven.

In het laatste jaar sociaal werk overtuigde ik mezelf - een jongeman die uit een beroepsopleiding kwam – en mijn omgeving van mijn bestaansrecht.

 

En toen sloeg het noodlot toe

De diagnose van de dokter was duidelijk: “U hebt kanker.” Ik voelde de grond onder mijn voeten wegzakken. Wekenlang ben ik blijven vallen in de ravijn van schuldgevoelens.

Ik was ervan overtuigd dat God mij had gestraft om wie ik ben. “Ik moet dood,” dacht ik toen. Maar dit was duidelijk niet het plan van de behandelende arts: met man en macht zijn we er in geslaagd om het kankermonster te verslaan, hopelijk voorgoed. Time will tell.

Maar wat ben ik dankbaar voor mijn kanker. Al was het maar omdat het voor mijn ouders een wake-up call was: ineens was een goeie gezondheid voor hun zoon het allerbelangrijkste, niet meer met wie ik mijn bed deelde.

Tijdens mijn behandeling heb ik mijzelf een belofte gemaakt. “Als ik hier doorkom,” beloofde ik mezelf “dan laat ik de angsten en bijhorende schuldgevoelens in het verleden, samen met al het haar dat ik verloren heb door de chemo.”

Maar wat ben ik dankbaar voor mijn kanker.

Het is een cliché maar eens men herstelt van zo een ingrijpende behandeling, voelt men ze zich vaak herboren, en het was voor mij niet anders. Kunnen we spreken van een happy ending?

Deels: de balans tussen wie ik ben en wat mensen van mijn verwachten is duidelijk. De grenzen van mijn eigen weerbaarheid zijn verankerd. En hoe cliché ook: de tijd heelt sommige wonden.

Anno 2016 heb ik zelfs het geluk om met mijn moeder aan één tafel te kunnen zitten, samen met mijn lief. Na bijna 18 jaar kan ik emotioneel terug thuiskomen bij mijn moeder, alsof ik nooit ben weggeweest.

De enige echte raad die ik kan geven is niet of je al dan niet je coming-out moet doen. Maar studeer af, zorg ervoor dat je zelf kan voorzien in je levensonderhoud. Wacht desnoods even met iets te vertellen thuis tot je op kot kan gaan of je eerste betaalde werkervaring hebt waardoor je voor eigen stek kan gaan. Of ga te rade bij Merhaba! Maar vergeet nooit: volg je hart!